Boek: Eetgedrag in balans

We worden overspoeld door een enorm aanbod van ongezonde en goedkope voedselverleidingen. Er zijn cafetaria’s op iedere hoek van de straat en in supermarkten ligt een overdaad aan snoepgoed. Om met deze ongezonde omgeving met voedselverleidingen om te gaan, heb je extra kennis en handvatten nodig om kinderen gezond op te voeden. Wetenschappelijke kennis over een gezonde eetopvoeding vindt haar weg niet altijd naar de praktijk. En dat is erg jammer, want er is al veel over bekend. Deze blog gaat over het boek “Eetgedrag in balans”, waarin een brug tussen wetenschap en praktijk wordt gemaakt. In het boek wordt aandacht besteed aan het vinden van de juiste balans als opvoeder in de mate van controle die je uitoefent op het eetgedrag van kinderen. Kinderen te veel dwingen om bijvoorbeeld groente te proeven of kinderen verbieden om bepaalde producten te eten werkt namelijk niet.

In het boek vind je tips die je kunt toepassen om ervoor te zorgen dat het makkelijker wordt voor kinderen om een gezond eetpatroon aan te leren. Zo wordt bijvoorbeeld besproken hoe je groente herhaaldelijk aanbiedt. Hierbij kun je bijvoorbeeld denken aan de variatie in momenten, de hoeveelheid en de combinatie met andere educatieve informatie (zoals groente en fruit boekjes en speelgoed) die je aanbiedt. Ook wordt besproken hoe je kinderen kunt aanmoedigen om groente en fruit te eten en hoe je kinderen vervolgens ook kunt belonen als ze daadwerkelijk een hapje proberen te proeven. De rol van de opvoeder wordt hierbij centraal gesteld. Je eigen gedrag, emoties en uitleg die je geeft als opvoeder kunnen bijvoorbeeld actief worden ingezet om kinderen te stimuleren. Als je bijvoorbeeld blij kijkt als je een hapje proeft, zullen kinderen ook sneller geneigd zijn om een hapje te proeven. Op identieke wijze zullen kinderen ook geneigd zijn om je ongezonde gedragingen als opvoeder over te nemen.

In “Eetgedrag in balans” wordt ook besproken hoe je er juist voor kunt zorgen dat kinderen niet te veel eten. Zo kun je als rolmodel bijvoorbeeld letten op wat, wanneer, hoeveel en hoe snel je eet. Naast je eigen gedrag, emoties en uitleg die je geeft, zijn regels ook belangrijk om te voorkomen dat kinderen te veel eten. Dit geldt zeker naarmate kinderen ouder worden. In het boek worden praktische tips gegeven waar je op kunt letten bij het invoeren van regels. Zo is het bijvoorbeeld belangrijk om regels positief te formuleren. Dus in plaats van: ‘Je mag niet twee biscuitjes’, zeg je: ‘Je mag 1 biscuitje’. Ook is het belangrijk om uit te leggen waarom je een regel hanteert, de regel consequent toe te passen en kinderen te belonen als ze zich aan de regel houden. In het boek worden ook praktische tips gegeven om de voedselomgeving vorm te geven. Zo kun je bijvoorbeeld kleinere borden gebruiken en kinderen daarbij zelf hun eigen eten laten opscheppen. Ook kun je de variatie van ongezond voedsel beperkt houden, buiten het zicht van kinderen opbergen en suikerhoudende drankjes standaard vervangen door water (met een smaakje). Dit klinkt misschien betuttelend, maar het vervangen van suikerhoudende drankjes door water is één van de meest simpele en consistente ‘dieet’-veranderingen die effect hebben op het terugdringen van overgewicht bij kinderen in de huidige ongezonde maatschappij.

Tot slot wordt in “Eetgedrag in balans” ingegaan op hoe je jouw kennis kunt delen met (andere) ouders door bijvoorbeeld op zoek te gaan naar een gedeelde motivatie en gedrag dat wel veranderd kan worden. Hier ligt naar mijn mening een belangrijke rol voor pedagogisch medewerkers en leerkrachten weggelegd.

Schermafbeelding 2019-07-01 om 18.20.23

Meer weten? Lees verder in het boek “Eetgedrag in balans”, dat onder andere verkrijgbaar is via bol.com.

Deze blog is geschreven door Dr. Junilla Larsen (Behavioural Science Institute, Radboud Universiteit) voor RAD-blog, het blog over roken, alcohol, drugs & dieet.

Geef een reactie